Artikel uit het Nederlandse krantenarchief; zoals verschenen in 1972:
    
        

'Gelukkig ben ik niet meer doodmoe'


door: Lou van Duinhoven
 
Den Haag – Een kleine advertentie in een Haagse krant: Mabel Alter voor danslessen. Een schok van herinnering. Mabel Alter stond zeven jaar lang in de spits van het Nederlands Danstheater met rollen die varieerden van klassiek tot en met modern.

Drie jaar lang had zij geprobeerd haar huwelijk te combineren met het loodzware vak ballet, dat meer calorieën vreet dan het werk van een mijnwerker. Zoon Marco diende zich aan en de balletcarriere was over.
 
Een dansersleven pleegt op zijn dertigste af te lopen. Nadat zij haar tweede kind (Mirella) had gekregen kon Mabel Alter echt niet meer stilzitten. Nu heeft zij een balletstudio aan de Haagse Toussaintkade.

EX BALLERINA HEEFT NU EIGEN BALLETSTUDIO

Mist Mabel Alter het theater?
“Ik mis vooral de lucht van het theater, de ontzettende vreugde in het vak en de collegialiteit. Maar wat ik beslist niet mis is de vermoeidheid. Toen ik stopte realiseerde ik me pas hoe lang ik eigenlijk al doodmoe was geweest. Per maand 28 voorstellingen, dan nog repetities, de lessen en de slopende internationale tournees. Nu kan ik in mijn eigen studio op mijn gemak warm draaien.
 
Als stadsmens zoals Mabel Alter zichzelf noemt, laat zij zich niet in de luren leggen. Slappe spieren duldt zij niet van zichzelf en menigmaal duikt zij op in de studio’s van het Nederlands Danstheater om er lessen te nemen. “Het is een idioot gevoel dat je er nog een paar van de oude club terug vindt. De hele groep is doorgestroomd, vernieuwd. Of ik nog naar de premieres ga? Wel naar de uitschieters, maar die twee peuters van me (2 en 4 jaar) zijn echte handenbinders. En dat is maar gelukkig.”
“Als ik zou moeten kiezen tussen een soort Rosella Hightower – die op haar vijftigste nog danste – en een aankomend moedertje, zou ik toch beslist het laatste kiezen. In het begin is het deprimerend dat je uit de publieke belangstellening raakt maar wat daar tegenover staat is grandioos.”